Het gedicht Roken


Onverschillig steekt ze de sigaret in haar mond
De zoveelste vandaag
Ze wil er vanaf
Maar wie helpt haar vandaag

Bijna iedereen rookt
Al is het buiten in de tuin
Maar sigaretten zijn zo verslavend
Het maakt je geest zo ruim

Nog gauw een diepe trek
Dan smijt ze de peuk op de grond
Te beroerd om hem in een asbak te doen

Onverschillig kijkt ze naar de grond
En trapt de peuk in twee
Ze gaat naar binnen
Het wordt koud
De rook gaat met haar mee.

Geplaatst door: Els Brunelli

Breng je stem uit

Waardering: 5 op 10 (6 stemmen)

Geef een cijfer:
Mail dit gedicht